Earnest Stewart van AZ over zijn land Amerika

138 Flares 138 Flares ×

We kennen Earnest Stewart (45) als die ex-profvoetballer uit de provincie met licht Brabantse tongval en natuurlijk als Directeur Voetbalzaken bij AZ. We zouden zijn Amerikaanse wederhelft bijna vergeten. USA365.nl zocht Stewart op in Alkmaar en sprak met hem over de rol die Amerika speelde en nog steeds speelt in zijn leven.

Earnest Stewart (bron: @AZ Media)

We zijn in het stadion van AZ, in het ruime kantoor van Stewart. Aan de muur hangen voetbalfoto’s van zijn werkgever en enkele familieportretten. Eigenlijk is er niets dat zijn Amerikaanse komaf verraadt, of toch wel? De piekfijn opgeruimde werkplek geeft op symbolische wijze wat informatie prijs over de achtergrond van Stewart, zo blijkt tijdens het interview.

“Het is bij mij een clean desk-policy. Ik vind dat alles een plaats moet hebben. Ik houd van structuur, discipline. Dat heeft met mijn militaire achtergrond te maken. Mijn vader zat tot twintig jaar geleden bij de Amerikaanse luchtmacht. Daar is hiërarchie ontzettend belangrijk. Die normen en waarden paste hij vroeger toe in huis. Ik merk dat vooral nu nog bij mezelf; bij het plaatsen van mensen, verantwoording afleggen en nakomen van afspraken.”

Vliegbasis Volkel

Stewart werd op 28 maart 1969 geboren in het Brabantse Veghel, als zoon van een Nederlandse moeder (Annemien) en de uit Houston (Texas) afkomstige Afro-Amerikaan Earnest Stewart senior. Hij was de eerste van drie kinderen; later volgden zusje Joyce en broertje Tim. Tot zijn derde woonde Stewart junior met zijn ouders in Uden, tot het gezin naar Point Arena verhuisde, nabij San Francisco. Na een jaar of zes keerden ze terug naar Nederland, waar Stewart senior gestationeerd was op vliegbasis Volkel.

Stewart bezit beide nationaliteiten. In zijn kinderjaren kreeg hij vooral veel van de Amerikaanse cultuur mee. “Alles tot mijn twaalfde was Amerikaans ingericht. De school, elke ochtend voor de vlag staan, de sporten die ik deed; ik was een echte patriot. Ik was ook vaak op de basis, waar mijn vader beheerder was van de mess hall, de zaal waar militairen eten. Al die families kwamen in het weekend naar Volkel. Daar aten we samen, sportten we, keken we films. Na mijn twaalfde was mijn vader zes, zeven jaar elders gestationeerd, in Amerika en Ramstein Air Base in Duitsland. Wij bleven in Uden en leefden gescheiden van elkaar.”

WK 1994 in Amerika: ‘Alles kwam samen’

Ondertussen ontwikkelde Stewart een grote liefde voor voetbal. Een sport waarin hij niet alleen als Nederlands clubvoetballer succesvol zou worden, maar ook als international namens Amerika. Hij debuteerde als 21-jarige in een oefenduel met Portugal. “Dat was een roes. Ik stond daar toen niet heel erg bij stil. Dat deed ik wel bij de eerste wedstrijd op het WK in 1994 tegen Zwitserland. Tijdens het volkslied had ik het heel moeilijk om mijn emoties onder controle te houden. Alles kwam samen; de vlag, een vol overdekt stadion in Detroit. Ik dacht: ik sta hier nu als Amerikaan mijn land te verdedigen.”

Vreugde bij Amerika na de WK-goal van Earnest Stewart

Stewart – die 101 interlands speelde – bewaart bijzondere herinneringen aan zijn eerste van drie WK’s, die in eigen land. “Wij hadden nog niet helemaal door wat voetbal betekende in Amerika. Iedereen vertelde ons dat het een geweldige happening zou worden, maar tijdens oefenwedstrijden zaten de stadions niet vol. En toen was het bij die eerste wedstrijd stijf uitverkocht. Absurd.” Tijdens het tweede groepsoptreden met Colombia maakte de toen 25-jarige Stewart zijn enige WK-goal ooit. “Ik kan het niet helemaal meer herbeleven. Wel weet ik nog dat ik de bal volgde, omdat ik bang was dat ie via de paal zou terugkomen. Daarna werd ik bedolven onder mijn ploeggenoten. Ik lag onderop en het was zó heet, niet normaal.”

Highway 5 afgezet

De WK-trainingen in Californië zal Stewart ook niet snel meer vergeten. “Ze sloten Highway 5 af als we gingen trainen. Dat vond ik absurd. Dat is de meest drukke snelweg in Amerika. Van hotel naar complex was een rit van twintig minuten, met politie voor en achter ons. Een aantal mijl waren wij zelfs alleen op de weg. Dat kon ik niet bevatten.” Toch staat 1994 niet bovenaan het hoogtepuntenlijstje van Stewart. “Dat was het WK 2002, want dat maakte ik bewust mee. In 1994 was ik meer bezig met mijn eigen prestatie en werden we geleefd. Ik vergat te genieten.”

De fatale eigen goal van Andrés Escobar op woensdag 22 juni 1994 in Los Angeles.  Op 2 juli werd hij vermoord.

Aan het WK in Amerika kleeft ook het tragische verhaal van Andrés Escobar. De Colombiaanse verdediger schoot tegen Amerika in eigen doel en werd anderhalve week later vermoord. De fatale goal speelde zich vlak voor Stewart af. “John Harkes gaf de pass met links, ik kwam rechts bij de tweede paal inlopen. De vraag is of ik hem wel had binnengeschoten. Escobar raakte de bal net voor mij aan. Ja, ik zou mijn eigen doelpunt uit die wedstrijd zo terugnemen als ik daarmee zijn leven had kunnen redden.”

Ongeveer anderhalf jaar geleden zag Stewart een documentaire over de twee Escobars; de voetballer en de drugsbaron. “Toen kreeg ik pas mee wat er destijds allemaal gebeurde in het trainingskamp van Colombia. Ik weet nog dat wij een dag voor de wedstrijd in de kleedkamer zaten bij een training. Onze coach kwam binnen en vertelde dat hun beste speler niet zou meedoen. Pas in die documentaire zag ik dat dat kwam, omdat zijn familie in Bogotá werd bedreigd. Als hij zou spelen, werd zijn familie doodgeschoten. Heel triest wat die spelers toen meemaakten.”

2001: een jaar van uitersten

Stewart tijdens het volksliedOok het jaar 2001 werd in meerdere opzichten een bijzondere voor Stewart. In december werd hij verkozen tot Amerikaans voetballer van het jaar, enkele maanden na de aanslagen van elf september. “We waren aan het trainen bij NAC en ik kreeg net een schop van Jeffrey van As tegen mijn scheen toen Maurice Steijn naar buiten kwam sprinten om het te vertellen. Hij was geblesseerd en had binnen de beelden gezien. Ik heb uren met verbazing zitten kijken. Ik liet me pas later op de avond hechten. Nee, er zaten van mij geen bekenden tussen de slachtoffers, maar het voelde alsof het heel dichtbij was. Met het nationale elftal bezochten we later Ground Zero.”

In zijn tijd als profvoetballer – bij VVV, Willem, NAC, DC United en weer VVV – vloog Stewart wel zeven keer per jaar op en neer naar Amerika. Met zijn huidige job als Directeur Voetbalzaken van AZ heeft hij daar minder tijd voor. “Ik probeer minimaal twee keer per jaar te gaan. Niet zozeer naar familie, maar mijn vrouw Yvonne is Amerika-gek en ik heb twee kinderen die ook een dubbele nationaliteit hebben. Ik geef hun graag de Amerikaanse cultuur mee en ik merk dat zij dat prettig vinden.”

‘Californië vind ik geweldig’

Stewart heeft nog niet alle vijftig staten gezien – hij houdt het op 25 à 30 – maar weet inmiddels veel van het land en haar prachtige gebieden. “Californië vind ik écht geweldig. Of je nou zee, vertier, cultuur, zon of sneeuw wilt; je hebt alles binnen handbereik. Dat vind ik uniek van die staat. Denver vind ik ook heel mooi. En het gebied ten oosten van Las Vegas, de Grand Canyon en al die natuurgebieden daar; heel imposant.”
De oostkust kan hem ook bekoren. “Ten noorden van New York, de waterfalls, Maine, Buffalo, de mooie ongerepte natuur. Ik heb zelf lang in Virginia gewoond, net buiten DC. Daar heb ik genoten. Qua seizoenen te vergelijken met Nederland, maar extremer. Als het sneeuwt, dan sneeuwt het ook echt. Schijnt de zon, dan schijnt de zon ook echt. Van de 365 dagen, was er 300 dagen een blauwe lucht.”

Texas

Met Texas, de staat waar zijn vader opgroeide, heeft Stewart iets minder affiniteit. “Ik weet nog dat ik een keer op bezoek ging bij mijn vader die daar toen gestationeerd was. Hij haalde me op bij het vliegveld van Houston en vanaf daar reden we naar zijn basis. In mijn herinnering zaten we iets van vijf, zes uur in de auto en heb ik werkelijk niets gezien onderweg. Olievelden? Nog niet eens. Dat staat me nog steeds bij.”

DC United viert de landstitel in 2004. Rechtsboven Stewart.

Het is ook de reden waarom Stewart bij zijn Major League Soccer-avontuur (2003-2004) koos voor DC United en niet voor FC Dallas. “Mijn vrouw en ik kregen een rondleiding in DC en vlogen daarna door naar Dallas. We hingen nog in de lucht, toen mijn vrouw naar beneden keek en zei: dit gaat hem niet worden. We voelden ons bezwaard, want de mensen van die club gingen ons nog rondleiden, deden hun stinkende best. Eigenlijk was de beslissing al voor de landing gemaakt. Ik heb met Texas gewoon wat minder dan met andere staten.” 

‘Soms nog toerist’

Amerika is voor Stewart behoorlijk vertrouwd, maar zeker niet altijd. “Als ik in Amerika ben, voel ik me nog steeds voor een groot gedeelte toerist. Veel is nog nieuw voor me. In Nederland merk ik wel dat ik qua gedachten en positiviteit ook anders in elkaar steek. Als iemand mij vraagt; ben je nou Amerikaan of Nederlander, dan kan ik er nog steeds geen antwoord op geven. Ik neig dan meer naar Nederlander met Amerikaanse invloeden dan andersom.”

Of ik Amerikaan of Nederlander ben? Daar kan ik nog steeds geen antwoord op geven.

Als man met twee paspoorten kan Stewart als geen ander oordelen over de karakterverschillen. “De Amerikaan is van huis uit heel positief ingesteld. Als de buurman het goed heeft, dan heeft men daar een bepaald respect voor. Dan vraag je je af: hoe kan ik zijn ideeën gebruiken om mezelf te helpen? In Nederland redeneren we andersom. ‘Het zal wel niet kloppen dat dat zo is.’ Ik merk dat ook in mijn familie. Het is meer elkaar de loef afsteken.”

Stewart noemt de Nederlandse nuchterheid als ander belangrijk verschil. “Hier staan we meer level headed in bepaalde situaties. Negatief of positief: Nederlanders reageren vaak heel vlak, denken er eerst over na. De gemiddelde Amerikaan gaat meteen mee in de emotie.” Stewart mist in Nederland dat wat hij omschrijft als Customer is King. “In 2004 kwam ik terug in Uden. De supermarkt ging om 17:00 uur dicht. Ik was gewend om op elk tijdstip wat te kunnen halen, dus wilde snel verhuizen. In Amerika is het allemaal op de consument ingericht, kun je na je werk nog zaken regelen. Dat mis ik hier.” 

Amerikanen oppervlakkig?

Wat vindt Stewart van het vooroordeel dat Amerikanen oppervlakkig zijn? “Daar zit wel een kern van waarheid in. Als je de gemiddelde Amerikaan voor het eerst tegenkomt, dan is het alsof ze je beste vriend zijn. Je kunt het ook vertalen naar heel beleefd zijn. Ik vind het fijn als ik in een restaurant zit – en ik weet dat ze werken op basis van tips – dat die persoon mij benadert alsof ik een koning ben. Mensen hier vertalen dat negatief. Maar ik heb dat liever dan dat ze met een chagrijnige kop aan mijn tafel staan. Aan de andere kant: echte vriendschappen in Amerika zijn een stuk moeilijker. Als je daar echt een vriendschap hebt, dan is dat for life. De gemiddelde Amerikaan heeft maar een paar echte vrienden. In Nederland heeft men het vaak over veel vrienden en sociale kringen.”

‘Te zot voor woorden’

'Ernie' Stewart op de cover van Sports Illustrated.Stewart kan zich ook niet vinden in de kritische Hollandse mentaliteit. “Ik vind het te zot voor woorden hoe wij het Nederlandse voetbal tegenwoordig benaderen. We hebben echt een goed voetbalproduct, zijn goed in het opleiden en ontwikkelen van spelers. Daar moeten we ons op focussen, maar dat doen we niet. We branden alles af. Neem Guus Hiddink. Die man doet misschien niet alles goed, maar hij heeft niet voor niets heel veel bereikt. Het is toch vreemd dat men hem in Seoul op handen draagt, maar hier wordt verguisd.

Of Louis van Gaal die in eigen land niets goed kan doen. En vervolgens vindt heel de wereld hem beste coach die er is. Ik vind het vreemd dat wij zo redeneren.” Aan de Amerikanen kunnen wij op marketingtechnisch gebied nog een voorbeeld nemen, zo meent Stewart. “Daar zijn ze heel goed in. Hoe zij denken over sport, de mensen, het idee erachter en dat dan in de markt zetten. Dat vind ik zo mooi. Neem de Europese voetbalgrootmachten die nu elke zomer naar Amerika gaan. Er komen 100.000 man op die wedstrijden af.”

Komt het voetbal in Amerika ooit nog op gelijke voet met de grote sporten? “Ze hebben gigantische stappen gemaakt. Zeker in de beginjaren van de MLS tot aan de periode dat ik er speelde. Of ze ooit het niveau van basketbal en American Football gaan halen; dat is de vraag. Het is nu de grootste beoefende sport van Amerika onder de jeugd. Dat zegt wat. Ze kunnen nog verder doorgroeien. Alleen in Amerika is er geen geduld. Wij moeten morgen de beste competitie van de wereld hebben en overmorgen concurreren met de Major League Baseball.”

‘Fan van Obama’

We maken een bruggetje naar de politiek. Stewart, van huis uit Republikein, is kritisch als het gaat om het huidige systeem, waarbij de twee traditionele partijen steeds verder van elkaar af komen te staan. “We hebben een Democratische president en de Republikeinen hebben de macht in de Senaat. Dat vind ik een rare gewaarwording. Ze doen er alles aan om de plannen van die man (Obama) tegen te houden. Dat vind ik vreemd.”

Over Obama is Stewart positief. “Ik ben echt fan van die man. Vooral van de wijze waarop hij zich presenteert en hoe hij omgaat met alle kritiek. Zijn speeches vind ik van heel hoog niveau. Ik hoor die man nooit stotteren. Het dringt echt bij mij binnen. Hij heeft een waanzinnig aura. Dat spreekt aan. En dan dat hij de eerste Afro-Amerikaanse president is en de manier hoe hij met zijn familie omgaat. Dat speelt ook allemaal mee. Met George Bush had ik niets.”

Ziet hij Hillary Clinton straks graag in het Witte Huis na de presidentsverkiezingen van 2016? “Ik zou er geen moeite mee hebben als zij de eerste vrouwelijke president wordt. Voor Bill had ik ook sympathie. Alleen: ik heb niet zoveel met politiek dat ik alle ideeën van haar ken. Misschien dat ik op haar afknap, als ik die lees.” 

Terug naar Amerika?

Bij de komende presidentsverkiezingen zal Stewart waarschijnlijk nog niet zijn stem in Amerika uitbrengen. Hij wil voorlopig in Haarlem blijven wonen vanwege zijn opgroeiende kinderen. “Ik wil dat zij hun ding kunnen doen.” Maar ooit keert Stewart, die bij AZ een contract voor onbepaalde tijd heeft, terug naar Amerika. “Ja, want ik wil graag nog een rol van betekenis spelen voor het Amerikaanse voetbal. Het is moeilijk om te zeggen wat daar het goede moment voor is, maar nu nog niet.” Over zijn toekomstige woonplaats hoeft Stewart niet lang na te denken. “Dan verhuis ik het liefste naar San Diego in Californië. Een lekker klimaat, fraaie huizen, een haven, sport; daar ga ik het liefste naartoe met mijn gezin.”

Met dank aan de persafdeling van AZ voor de portretfoto’s.

Meer bijzondere interviews lezen met bekende personen op USA365.nl?  

Adriaan van Toor Mart Smeets Murdock van The A-Team Maarten van Rossem Mario van der Ende over WK 1994 Charles Kazlauskas van Helmond Sport Presidenten, geheime trainingen: Nederlandse chauffeur maakte het mee bij ambassade VS

Author: Mike Boeschoten

Share This Post On

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

138 Flares Twitter 8 Facebook 130 Email -- 138 Flares ×