John McCormick: de oorlogsheld van Zoetermeer

0 Flares 0 Flares ×

De Amerikaanse soldaat John McCormick is nog maar 23 jaar als hij op 29 april 1945, net voor het einde van de Tweede Wereldoorlog, om het leven komt bij een vuurgevecht met de Duitsers. Niet in de Pacific of Berlijn, maar in de Zuid-Hollandse polder. McCormick en zijn acht strijdmakkers moesten daar een paar maanden eerder een noodlanding maken met hun bommenwerper. Het is vandaag 71 jaar na die voor McCormick zo fatale crash. De jongen uit Pennsylvania zou Nederland als enige van zijn geallieerde aircrew nooit meer verlaten. McCormick werd ongewild de Amerikaanse oorlogsheld van Zoetermeer, waar hij met het verzet diende.

McCormick: de oorlogsheld van Zoetermeer

Woord vooraf

John McCormickMet enige gêne moet ik bekennen dat ik, als Zoetermeerder zijnde, het verhaal van John McCormick tot voor kort niet kende. Totdat ik voor de rubriek Zoetermeer Toen van AD/Haagsche Courant een historisch artikel schreef over Scoutinggroep John McCormick en kennismaakte met het indrukwekkende verhaal achter die naam. Ik bezocht als eerste zijn laatste rustplaats bij de Nederlands Hervormde Kerk in de Dorpsstraat van Zoetermeer (nota bene op loopafstand van mijn woning), daarna het monument bij de crashlocatie in de Geerpolder en de plek in Zevenhuizen waar hij, met de finish van WOII in zicht, toch nog sneuvelde. Het werd een meer dan fascinerende ontdekkingstocht in mijn eigen omgeving.

Complimenten zijn op zijn plaats voor Sylvan Staub en Maarten Havinga; zij lanceerden na meer dan een jaar informatie verzamelen in februari 2015 de website www.jollyduck.com met veel gedetailleerde informatie, foto’s en documenten. Het was fijn daar gebruik van te kunnen maken! “Mijn gehele leven heb ik al een gezonde interesse in binnenlandse gebeurtenissen uit de Tweede Wereldoorlog,” aldus Staub tegenover USA365.nl. “Ik sta bekend als deskundige op het gebied van binnenlandse conflicten uit de Tweede Wereldoorlog en heb rondleidingen gegeven in Oosterbeek/Arnhem en daar verteld over De slag om Arnhem. En ik heb rondleidingen gegeven op de Grebbeberg waar in mei 1940 Nederlandse soldaten de Duitsers probeerden tegen te houden. Vanaf 1995 verdiepte ik me in de oorlogsperiode van Zoetermeer en het verzet in het algemeen.”

‘Ik raakte in de ban van de Jolly Duck’

Stadsmuseum Zoetermeer

Onderkomen van het Historisch Genootschap Oud Soetermeer.

In september 2013 werd Staub benaderd door het Engelse tijdschrift After the Battle. Zij waren geïnteresseerd in een artikel over John McCormick, omdat deze Amerikaanse militair niet op een militaire begraafplaats ligt, maar ‘gewoon’ voor de kerk in Zoetermeer. Het blad vroeg Sylvan toestemming te vragen aan het Historisch Genootschap Oud Soetermeer voor het gebruik van oude foto’s. Zo leerde hij Maarten Havinga kennen. “Ik ben al ruim 25 jaar actief bij het Historisch Genootschap Oud Soetermeer waar ik jaren bij de afdeling Archeologie werkte. Nadat het niet meer toegestaan was voor vrijwillige amateurverenigingen om zelfstandig opgravingen uit te voeren, verdween deze tak.”

Door het in 2005 verschenen boek Missing in Action van Louis van Den Burg raakte hij in de ban van de Jolly Duck en zijn crew. “Ik wist zeker dat er nog veel meer te onderzoeken viel en heb daarbij veel samengewerkt met de Amerikanen van de website www.B24.net. Ook heb ik gesproken met (inmiddels overleden) piloten van de Jolly Duck. In 2005 startte ik een veldonderzoek met verrassende vondsten. Dit leidde ertoe dat in 2012 en 2014 nog drie veldonderzoeken zijn verricht, waarbij vele bewijzen zijn teruggevonden en verklaringen uit die tijd zijn ontkracht en bewezen. Sylvan en ik hebben een schitterende website ontwikkeld waar alles te lezen is.”

Wie was John McCormick?

John McCormick: Amerikaanse oorlogsheld van ZoetermeerJohn E. McCormick wordt op 2 augustus 1921 geboren in de plaats Scranton in de oostelijke staat Pennsylvania. Hij groeit op in een erg klein gezin. Niet alleen is John enig kind, maar zijn moeder overlijdt al op jonge leeftijd. Zijn vader, ook John McCormick genaamd, is van Ierse komaf en streng. Veel meer is er niet bekend, behalve dan dat hij een gedreven en sportief persoon is die piloot wil worden. Na vier jaar high school besluit de twintigjarige McCormick op 11 april 1942 het leger in te gaan. De Tweede Wereldoorlog is dan al meer dan twee jaar in volle gang, al raken de Amerikanen pas vier maanden eerder écht betrokken bij het mondiale conflict na de aanval op Pearl Harbor. Zoals vele leeftijdgenoten wil ook John zich daarna inzetten voor zijn land.

In 1995 werd deze documentaire over John McCormick gemaakt, uitgezonden door de EO.

De weg tot zijluikschutter

McCormick meldt zich aanvankelijk bij de Amerikaanse luchtmacht. Piloot worden is zijn doel, maar als hij afvalt tijdens de basisopleiding (hij slaagt voor twee van de drie onderdelen) geeft hij zich op voor de navigatorsopleiding. Ook dat wordt geen succes; door flinke wachtlijsten wijst de legerleiding zijn verzoek af. McCormick verblijft nog kort op enkele andere legerposten, alvorens hij naar Harlingen (Texas) gestuurd wordt voor een schuttersopleiding specifiek gericht op de luchtvaart. Dat ligt hem wel en nadat hij zijn training met goede resultaten voltooit, krijgt hij de vraag om instructeur te worden op de Gunnery Instructor School in Fort Meyers, Florida. Dat duurt van 24 april tot 12 juni 1943. Daarna keert McCormick terug naar Texas waar hij verder gaat met het klaarstomen van jonge zijluikschutters.

Zelf vechten tegen de Duitsers

In november 1943 dient stafsergeant McCormick het verzoek in om zelf mee te gaan vechten tegen nazi-Duitsland in Europa. Daarvoor volgt hij vanaf 15 december 1943 een speciale training voor gevechtsmissies in Virginia. Als hij die training afrondt, op 23 juni 1944, is de grootschalige invasie van de Franse stranden in Normandië, beter bekend als D-Day, net achter de rug.

Bekijk ons artikel over de Amerikaanse oorlogshelden van Normandië.

Na zijn training gaat McCormick naar Engeland waar hij met zijn crew een plek toebedeeld krijgt in het 2nd Combat Crew Replacement Center, als back-up voor gesneuvelde, vermiste of anderzijds weggevallen airforcecrew. Op 25 juli 1944 worden McCormick en zijn team naar de 392nd Bomb Group in Wendling, Norfolk gestuurd en dan gaat het echte werk beginnen. Zijn eerste missie volgt op 11 augustus 1944. McCormick, de overige bemanning en toestel komen ongeschonden uit de strijd. Er volgen nog enkele missies waarbij McCormick en zijn maatje John Lingle, de twee vliegen altijd samen, nog een keer gewond raken door een Duitse FLAK-aanval tijdens een missie en samen in het ziekenhuis belanden. Ze zijn een maand uit de roulatie. Als ze ontslagen worden uit het ziekenhuis, heeft de rest van hun crew al de verplichte 35 missies volbracht. Daarom moeten Lingle en McCormick op pad met andere crews. Ze maken later ook nog een noodlanding mee, maar komen daar ongeschonden vanaf.

John Lingle en John McCormickJohn McCormick and John A. H. Lingle

Bommissie en noodlanding in Nederland

Een nieuwe missie volgt op donderdag 22 februari 1945, de dag die de levens van negen Amerikanen totaal op zijn kop zou gaan zetten. In de vroege ochtend krijgen 31 aircrews een briefing om Marshalling Yard (een rangeerterrein voor treinen) te bombarderen in de Duitse plaats Nordhausen. Vanaf de Engelse vliegbasis Wendling stijgen de bommenwerpers (type B24)  om 09:15 uur op, waaronder het toestel met het serienummer #42-95241 van zijluikschutter McCormick. De acht andere bemanningsleden bestaan uit piloot Joseph R. Walker, copiloot Ralph C. Casstevens, navigator John J. Donohue, staf sergeant John A.H. Lingle, neusschutter Harold A. Shea, staartschutter Elmer E. Duerr, radio-operator Francis J. Nagle en flight engineer Allan W. Hicks. McCormick en Lingle zijn nieuw in de crew van Walker, net als Nagle en Hicks voor wie het zelfs de allereerste missie is!

Mist en rook als spelbreker

Northeim bombardement

Het bombardement van Northeim.

De missie gaat niet zoals gepland. Een combinatie van mist en rook, veroorzaakt door eerdere beschietingen van Duits luchtafweergeschut (FLAK), maakt het uitvoeren van hun hoofddoel onmogelijk. Het squadron besluit daarop uit te wijken naar Northeim en daar allerlei treinfaciliteiten en een fabriek te bombarderen. Met succes. De gevechtstoestellen lossen 340 bommen en ondervinden aanvankelijk weinig verzet, maar op de terugweg krijgen de B24’s het nog even flink te verduren. Alle vliegtuigen van het squadron komen ongeschonden uit de strijd, behalve het toestel van McCormick, waarbij één van de drie motoren het begeeft door de Duitse kogelregen.

Over de radio valt ook te horen dat er niet voldoende brandstof meer is om nog lang door te vliegen, mogelijk doordat ook de brandstofleiding geraakt is. Na 14:54 uur- het tijdstip waarop het toestel voor het laatst is gezien- wordt er niets meer van de Jolly Duck vernomen door het geallieerde kamp. Ondertussen heeft Walker de grootst mogelijke moeite om het toestel van meer dan 25.000 kilo stabiel door het luchtruim te manoeuvreren. De B24 moet hoogte maken en dus gaan alle loszittende voorwerpen zoals munitieboxen overboord.

De crash in Zoeterwoude

flightmap

Vliegroute van de Jolly Duck

Eenmaal boven de Noordzee, net voorbij Katwijk, ziet de piloot dat er amper brandstof meer is en dat het halen van de veilige overkant (Engeland) niet gaat lukken. Walker keert het toestel om en als boven Leiden ook motor twee gaat tegenstribbelen, weet hij dat hij snel moet uitzien naar een geschikte landingsplek. Walker stuurt het vliegtuig om 15:14 uur een weiland in (de Geerpolder), een natuurgebied op de grens van Zoetermeer en Zoeterwoude. De bommenwerper maakt een flinke klap, laat al schuivend een modderspoor achter, verliest diverse onderdelen, de romp boort zich zo’n vijftig centimeter de grond in en er is behoorlijke schade. De cockpit ligt precies over het weggetje dat de twee stukken weiland van elkaar scheidt.

De B24 komt naast de boerderij van Tinus Janson (Geerweg nummer 8) tot stilstand. Janson zat op het moment van de crash in zijn keuken toen hij een hoop herrie hoorde en kijkend door het raam het gevaarte voorbij zag komen. Het negental overleeft de crash, maar niet zonder fysiek letsel. Lingle is gewond aan zijn been, de piloten hebben schrammen en hoofdwonden en Duerr ligt bewusteloos in een diepe laag modder. Boer Janson waarschuwt de Amerikanen – dit doet hij voornamelijk met handgebaren vanwege de taalbarrière – dat er een Duitse eenheid in aantocht is. Ze moeten zich heel snel uit de voeten maken.

jolly1

Het gecrashte toestel bij boerderij Janson met enkele nieuwsgierigen.

Onder: eigen foto’s uit 2016. Het monument bij Geerweg 8 (Zoeterwoude) en rechts de globale crashplek.

John McCormick: de Amerikaanse oorlogsheld van Zoetermeer.Monument dichtbijCrashplek 1

Vluchten voor de Duitsers?

Als hoogste in rang verdeelt luitenant Walker zijn bemanning in groepjes van twee om de ontsnappingskansen te vergroten. Dit zou in zekere zin het noodlot van McCormick bezegelen, want hij is als enige op zichzelf aangewezen. Waarom Walker voor deze verdeling kiest, is onduidelijk. Waarom werden de maatjes Lingle en McCormick gescheiden? Feit is: Walker moest snel beslissen, onder extreme omstandigheden.


Zo verging het de acht strijdmakkers van McCormick:

Crew (2)John Lingle/Harold Shea: vluchten als eerste van de groep omdat Lingle mank loopt. Nagle en Hicks halen hen al snel in. Lopen gezamenlijk verder, maar worden gepakt. De Duitsers sturen hen naar het Duitse gevangenkamp Stalag Luft. Daar maken de vier op 29 april 1945 de bevrijding mee.

  • – Lingle leeft nog tot 1988. Shea dient in Korea en Vietnam. Hij overlijdt in 2004.

Francis Nagle/Allan Hicks: zie hierboven.

  • – Nagle wordt in de VS leraar Psychologie in Wisconsin en krijgt elf kinderen. Bezoekt Nederland in 1992 en neemt dan ook een kijkje bij de crashlocatie. Hij overlijdt op 15 augustus 2014. – Hicks: onbekend.

Plattegrond crashlocatieJohn Donohue/Elmer Duerr: vertrekken richting het plaatsje Stompwijk dat tegen Zoetermeer aanligt en belanden bij de boerderij van de familie van Schie. Verstoppen zich in het hooi, doen zich later voor als Hollandse boerenzonen en duiken tot de bevrijding onder bij meerdere gezinnen.

  • Duerr leeft nog tot 24 maart 2002 en wordt 80 jaar. Donohue: onbekend.

Joseph Walker/Ralph Casstevens: vertrekken als laatste van de crashplek richting het bijna bevrijde Rotterdam. Komen met hulp van Zoetermeerse boeren in contact met het verzet van Bleiswijk en Berkel. In die laatste plaats maakt het duo de bevrijding mee. Keren dan terug naar de VS.

  • Walker overlijdt in 1949 in Pennsylvania bij een vliegtuigcrash.
  • Casstevens leidt in de VS een teruggetrokken bestaan tot 18 mei 1994.

John McCormick op de vlucht!

Hooiberg Jan en Leen Dogterom

De hooiberg aan de Zegwaartseweg waar McCormick opduikt.

McCormick blijft na de crash dus als enige achter, terwijl de Duitsers de omgeving uitkammen. Hij verstopt zich eerst in een houten schuur vlakbij de boerderij van Janson. Ook Donohue en Duerr duiken daar even onder, maar zij vervolgen al snel hun weg. McCormick niet, die wacht tot de rust is wedergekeerd en wordt niet gevonden. Hij besluit richting Rotterdam te gaan. Een te ambitieuze doelstelling, zo blijkt al snel. Lopend door het dorp Benthuizen over de Zegwaartseweg richting Zoetermeer ziet McCormick dat het vlakke landschap hem weinig mogelijkheden geeft om uit het zicht te blijven. Hij slaapt bij diverse boeren in het hooi. Op 26 februari krijgt de Zoetermeerse boer Jan Dogterom de schrik van zijn leven als hij tijdens werkzaamheden met zijn riek op een zwart hoofd stuit in zijn hooiberg. Hij waarschuwt daarop broer Leen met de woorden:

“We hebben er weer een, en het is nog een neger ook.” Door de vele slaappartijen in het hooi is McCormick helemaal zwart geworden.

Leen Dogterom fietst nog diezelfde dag richting de Dorpsstraat van Zoetermeer waar hij in contact komt met de goede agent Lodewijk en hem vraagt of McCormick niet bij zijn woning kan onderduiken in de Molenstraat. Bij de boerderij is het met alle mensen uit Den Haag en Rotterdam die eten komen halen te gevaarlijk. Bovendien is het Zoetermeerse verzet dan al ondergedoken in Zevenhuizen. Lodewijk fietst nog diezelfde avond langs bij de boerderij, voorziet McCormick van kleding en neemt hem mee naar zijn huis waar de Amerikaan de nacht in de woonkamer doorbrengt. Op diezelfde dag, 26 februari 1945, vernietigen geallieerde vliegtuigen de B24 die nog altijd in de Geerpolder staat. Zij denken ten onrechte dat het toestel nog bruikbaar is en de Duitsers van pas kan komen. Bij deze beschietingen komen vijf mensen om het leven en er vallen diverse gewonden.

Naar het Zoetermeerse verzet  

De volgende ochtend brengen Willem Olivier en zijn zusje Jannie de nog steeds niet gepakte McCormick per fiets naar het Zoetermeerse verzet dat zetelt in jachthuis The Jolly Duck in Zevenhuizen, gelegen aan de Rottemeren. Bizar is dat het pand dezelfde naam heeft als de onofficiële bijnaam van McCormick’s toestel. Toeval of niet, dat is volgens onderzoekers Sylvan Staub en Maarten Havinga niet geheel duidelijk. Jaap van Rij, zoon van verzetsleider Jacob, zegt documenten in handen te hebben waaruit blijkt dat The Jolly Duck altijd al aan het huis kleefde. Het is ook niet bekend hoe de B24 aan zijn nickname kwam.

McCormick rijdt honderd meter achter Jannie; als niet geoefende fietser heeft hij het complete fietspad nodig. De afspraak is dat zij bij gevaar afstapt om naar haar achterband te kijken. Na enkele kilometers lijkt het mis te gaan; McCormick springt van zijn fiets af en duikt de bosjes in. Onnodig, blijkt al snel, want de tegemoetkomende fietser in uniform is geen nazi maar een postbode. McCormick heeft echter geen idee hoe de Duitsers, waar hij al zo vaak vanuit de lucht tegen streed, er precies uitzien.

Het jachthuis

Het jachthuis in 2016: nu een woonhuis.

Jachthuis en monument

Naast het jachthuis vind je dit monument.

Steen John McCormick Zevenhuizen

Goed verscholen in de struiken: deze gedenksteen met de naam John McCormick erop.

 

 

 

 

 

McCormick komt veilig bij het jachthuis aan, nadat de rol van Jannie in de laatste kilometers nog was overgenomen door een ander. Daar maakt hij kennis met verzetsleiders Piet van Driel en Dr. Joseph Kentgens, commandant van de Binnenlandse Strijdkrachten (BS), tandarts en later wethouder in Zoetermeer. Het duo spreekt aardig Engels en zo kan McCormick weer eens in zijn eigen taal spreken. Hij krijgt direct de vraag of hij zich meldt bij de Duitse instanties- de oorlog kan immers niet lang meer duren- of dat hij zich aansluit bij het verzet. McCormick kiest vastberaden voor dat laatste. Tot eind april doet hij mee met de (vaak nachtelijke) overvallen op kleine groepen Duitsers en Nederlandse SS’ers die zich begeven op of nabij de A12 en met geheime wapentransporten.

Het jachthuis, gebouwd in 1920, en het monument vind je aan het einde van een lange doodlopende weg in Zevenhuizen. Adres: Korenmolengat 2. Het pand heeft nu de status als rijksmonument.

De fatale 29 april 1945; overval op het jachthuis

McCormick_GesneuveldMet de finish in zicht gaat het toch nog mis voor McCormick, op zondag 29 april 1945. Een dag die in de pers nog was aangemerkt als ‘Godsvrede’, oftewel een staakt-het-vuren, ondertekend door verzet, BS en de Duitsers. Veel verzetsjongens met vrouw of vriendin in Zoetermeer hebben deze dag vrijaf gekregen, om zich in de avond weer te melden bij het jachthuis voor de voorbereidingen op de naderende bevrijding. Wel aanwezig zijn Kentgens, Alie en Jacob van Rij, hun zoontje Jaap van Rij, Joop Havenaar (die toevallig langskwam), Mance van Romunde, L. de Milly, McCormick en zes Engelse vliegers. Zij waren medio april neergestort in de omgeving Rotterdam en zitten ook in The Jolly Duck ondergedoken.

Ludwig_SchmittOm 18:00 uur is het goed mis als Oberfeldwebel Ludwig Schmitt voor de deur staat met 23 gewapende manschappen; Turkmenen in Duitse dienst. Zij konden kiezen uit een concentratiekamp of vechten met de nazi’s. Kentgens opent de deur en ziet Schmitt aan komen lopen vanaf de dijk. ‘Sofort heraus,’ klinkt het. Kentgens antwoordt dat hij gelijk komt, trekt de deur dicht en maant zijn huisgenoten tot actie. Er volgt een vuurgevecht, maar de situatie wordt voor het Zoetermeerse verzet onhoudbaar en ze vluchten via de achterzijde richting de molens verderop. Alie van Rij, haar zoontje Jaap en McCormick doen dat als eerste, rond 18:30 uur. Bij het huis van de buren wordt Alie geraakt in haar knie, maar zij overleeft. McCormick niet; hij krijgt een kogel in zijn achterhoofd (de foto linksboven is de fatale plek). Na een vuurgevecht van twee uur geeft het verzet zich gewonnen. Zo’n vijftien ‘Duitse’ soldaten sneuvelen. In het Zoetermeerse kamp komt ook Jacob van Rij om het leven. Kentgens raakt gewond aan zijn hoofd, maar komt er uiteindelijk wel goed vanaf.

Begraven met militaire eer

McCormick en Van Rij worden op 4 mei tijdelijk begraven in Zevenhuizen. Op 31 oktober 1945 worden zij met militaire eer herbegraven bij de Nederlands Hervormde Kerk in de Dorpsstraat van Zoetermeer. Er is grote publieke belangstelling, ook van de Amerikanen. De vader van McCormick, zo had hij per brief aan Kentgens laten weten, wilde dat het stoffelijk overschot van zijn zoon in Nederland bleef, bij de personen met wie hij tot het einde streed. Ook verzetshelden Cornelis van Eerden en Jan Hoorn (omgekomen op 5 mei) komen later bij het graf van McCormick en Van Rij te liggen. Leden van Scoutinggroep John McCormick leggen er jaarlijks, voorafgaand aan de kranslegging bij de dodenherdenking van 4 mei, bloemen neer.

Begrafenis in Zoetermeer.

Begrafenis in Zoetermeer.

Verzet

Verzetsstrijders bij hun gesneuvelde maten.

zoetermeer_john_deceased

Graf John McCormick Dorpsstraat

Het graf in februari 2016, 71 jaar later. Adres: Dorpsstraat 59, Zoetermeer.

Burgemeester ontvangt sleutel van Scranton

Er is in de loop der jaren veel over John McCormick en de crash geschreven in diverse media. Aandacht was er ook in de jaren zeventig toen oud-burgemeester van Zoetermeer Jan Willem Wegstapel op 29 januari 1973 het ereburgerschap van Scranton ontving in de vorm van een bronzen sleutel. Deze werd overhandigd door de Amerikaanse mevrouw Akkerman, inwoonster van Zoetermeer. Zij bracht een bezoek aan de geboorteplaats van McCormick om daar te vertellen over alle gebeurtenissen. De sleutel (zie foto) is het symbool van waardering door de stad Scranton. Als je goed kijkt, zie je het opschrift. Wegstapel maakte zijn dankbaarheid kenbaar met een brief. Hieronder, niet eerder verschenen in de openbaarheid, zie je twee van die briefwisselingen (bron: M.A.T. Koot) tussen burgemeester en het gemeentebestuur van Scranton.

Brief Scranton 1Scranton keyBrief Scranton 2

John McCormick en Zoetermeer anno nu?

FietsrouteNaast het monument bij de crashlocatie, het graf en het jachthuis is er in de Zoetermeerse wijk Dorp de John McCormickstraat als eerbetoon. Verder is het sinds 2015 mogelijk om de historische fietsroute Jolly Duck te rijden. Voor meer informatie kun je ook terecht bij het Stadsmuseum Zoetermeer (Dorpsstraat 7); hier zetelt het Historisch Genootschap Oud Soetermeer. Zij hielden in 2015, zeventig jaar na de bevrijding, een kleine tentoonstelling over de crash waarbij ook Jaap van Rij aanwezig was.

Voor de liefhebber zijn onder andere de boeken Dorp in Oorlog, van mijn collega Ton Vermeulen, en Missing In Action van auteur Louis van den Burg aan te bevelen. Maar er is nog veel meer naslagwerk te vinden over deze onderwerpen; zie deze pagina van de al eerder genoemde website www.jollyduck.com.

Author: Mike Boeschoten

Share This Post On

4 Comments

  1. Indrukwekkend en zeer interessant waargebeurd verhaal met een tragische afloop voor John McCormick. Vanwege mijn banden met Zoetermeer, Zoeterwoude en Stompwijk nog indrukwekkender.

    Post a Reply
    • Bedankt Gerard, fijn om te horen. Ja voor mij als Zoetermeerder ook erg indrukwekkend. Een bijzondere gebeurtenis. Heb je de plaquette in de Geerpolder bezocht waar het toestel crashte? groeten

      Post a Reply
      • Beste Mike,
        Neen, de plaquette heb ik nog niet gezien, maar weet inmiddels wel waar dit is. Ga dit zeker bekijken. Ik heb wel het graf bezocht, toen ik in Zoetemeer werkte. Ik ben in juli 1944 geboren in Stompwijk. Waarschijnlijk daarom maken zulk soort gebeurtenissen nog steeds een grote indruk op mij. Vooral omdat dit zo vlakbij is gebeurd. Mvg Gerard

        Post a Reply
  2. Al jarenlang wordt door leerlingen van De Jacobsvlinder, voorheen Prins Bernhardschool, maandelijks een bloemstuk op het monument bij de Oude Kerk geplaatst. Het bloemstuk wordt door De Nobel geleverd.

    Post a Reply

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

0 Flares Twitter 0 Facebook 0 Email -- 0 Flares ×